Arrestantenzorg

FARR levert medische zorg voor ingeslotenen op het politiebureau.

De forensisch arts beoordeelt ook of een arrestant wel of niet kan worden verhoord of ingesloten. Denk daarbij aan mensen met ernstige psychiatrische klachten of arrestanten die onder invloed zijn van drugs.

De politie checkt bij binnenkomst aan de hand van een lijst of er overleg met een arts nodig is. Als dat zo is wordt de dienstdoend forensisch arts van FARR (overdag via de doktersassistente) gebeld.

Op dat moment is de medische verantwoordelijkheid voor FARR. De arts bepaalt of een telefonisch advies of het voorschrijven van medicatie of een bezoek aan het politiebureau geindiceerd is. De arts moet zijn afspraken met de arrestantenverzorging helder bespreken en schriftelijk vastleggen.

Voor de arts en de doktersassitente, die de verlengde arm van de arts is, is het wenselijk dat de juiste personalia met BSN, de eigen huisarts en de apotheek van de arrestant worden doorgegeven.

Voor de arrestantenverzorging is het wenselijk dat men weet wanneer men de arts kan verwachten én of dit naar hun oordeel passend is qua wachttijd.

 

Optimale dienstverlening vereist optimale communicatie tussen de doktersassistente/arts enerzijds en de arrestantenverzorging anderzijds.

 

Organisatie arrestantenzorg

In 2015 is een aanbesteding voor forensische zorg en arrestantenzorg voor 10 eenheden uitgeschreven. Het aanbestedingstraject werd beëindigd omdat er volgens de nationale politie te weinig partijen waren die aan de eisen konden voldoen. In 2016 is een onderzoekscommissie ingesteld door de toenmalig minister van Justitie. Deze commissie onder leiding van de oud burgemeester van Maastricht dhr. Onno Hoes gaat de kamer en minister adviseren over de wenselijkheid van aanbesteden van forensische geneeskunde (arrestantenzorg en forensisch medisch onderzoek).