Letselonderzoek bij Kindermishandeling en huiselijk geweld

Het centrum Letselonderzoek huiselijkgeweld en Kindermishandeling wordt Januari 2018 geopend in de Forensische Polikliniek (CSG) bij de GGD op de Schiedamsedijk te Rotterdam.

 

Letselonderzoek en Forensisch Medische expertise in Rotterdam

FARR heeft 15 forensisch artsen in dienst die zowel medisch (arts) als forensisch opgeleid en als zodanig geregistreerd zijn en een vervolgopleidingen gehad hebben voor het verrichten van letselfotografie. Een deel (vijf) is tevens opgeleid voor het gespecialiseerde forensische onderzoek bij kinderen, daarnaast is iemand geregistreerd om als gerechtelijk deskundige op te treden en is deeltijds werkzaam op het NFI met kinderzaken. FARR heeft te allen tijde de benodigde expertise beschikbaar.

In 2017 heeft de gemeente Rotterdam gedacht de Forensisch Medische expertise in de regio te moeten concentreren in een Forensisch Medisch Expertise Centrum.

In Rotterdam is FME aanwezig bij de volgende partijen: het Landelijk Expertise centrum Kindermishandeling (LECK), vertrouwensartsen (VA) werkzaam bij Veilig Thuis, enkele kinderartsen werkzaam in de regionale ziekenhuizen en forensisch artsen van  FARR. Sinds januari 2017 zitten deze partijen onder leiding van de gemeente Rotterdam, het Openbaar Ministerie en de politie om de tafel om tot een samenwerkingsconvenant te komen. Inmiddels is dit proces uitgekristalliseerd in een contract tussen de Gemeente Rotterdam en FARR voor het verrichten van Forensisch Medisch Onderzoek. Het contract beschrijft de inkoop van forensisch medische expertise voor de toepassing van de Meldcode en de ontwikkeling van een Forensisch Medische Polikliniek.

 

Het beoogde Forensisch Medisch Expertise centrum moet FME leveren aan de volgende doel groepen:

– Kinderen: kindermishandeling: elke vorm van voor een minderjarige bedreigende of gewelddadige interactie van fysieke, psychische of seksuele aard, die de ouders of andere personen ten opzichte van wie de minderjarige in een relatie van afhankelijkheid of van onvrijheid staat, actief of passief opdringen, waardoor ernstige schade wordt berokkend of dreigt te worden berokkend aan de minderjarige in de vorm van fysiek of psychisch geweld.

– Volwassenen: huiselijk geweld, (dreigen met) geweld, door iemand uit de huiselijke kring. Onder geweld wordt verstaan: de fysieke, seksuele of psychische aantasting van de persoonlijke integriteit van het slachtoffer, daaronder ook begrepen, uitbuiting. Tot de huiselijke kring van het slachtoffer behoren: (ex)partners, gezinsleden, familieleden en vrienden.

– Ouderen: ouderenmishandeling

– Gehandicaptenmishandeling

– Diversen: eer gerelateerd geweld, huwelijksdwang en achterlating, vormen van jeugdprostitutie en vrouwelijke genitale verminking

 

Het is met name belangrijk dat de regionaal werkzame artsen en de forensisch artsen elkaar voor kinderen goed weten te vinden. Zo kan gezamenlijk gewerkt worden aan een goed samenspel tussen artsen, waarbij maximaal gebruik wordt gemaakt van (individuele) deskundigheden bij de verschillende artsen.

Cliënten uit de doelgroepen die lichamelijk mishandeld zijn of bij wie vermoedens van toegebracht letsel bestaan, worden op enig moment gesignaleerd door hulpverleners en medische verwijzers. Zij kunnen forensisch medisch onderzoek inzetten om hun vermoedens te laten objectiveren en benutten de conclusies uit dit onderzoek om op basis van feiten afgewogen keuzes te maken voor een passend, eventueel juridisch, vervolgtraject voor de betrokkene. Deze mogelijkheid wordt beschreven in stap 2 van de meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling. Werknemers in het onderwijs, kinderopvang, maatschappelijke jeugdhulp ondersteuning, justitie, Vrijwilligersorganisaties en de gezondheidszorg moeten volgens de wet meldcode een meldcode hebben. In de gezondheidszorg betreft dit de:

– Huisarts

– Spoedeisende hulp arts

– Specialist ouderengeneeskunde

– Geriater

– Arts voor verstandelijk gehandicapten

– Andere specialisten

– Psychiater

– Kinderarts

– Veilig Thuis (vertrouwensarts)

– Algemeen forensisch arts

– Jeugdarts

– Consultatiebureau-arts

– GGD

 

De beschreven doelgroepen presenteren aan de vertrouwensarts volgens stap 2 van de meldcode.

In die gevallen waarin er behoefte bestaat aan meer duidelijkheid over (aard en oorzaak van) van letsel kan een deskundige op het gebied van letselduiding worden ingeschakeld (uit stap 2 meldcode voor Kindermishandeling en Huiselijk geweld van het KNMG)

 

Gezien de KNMG-meldcode ligt het voor de hand dat bij vermoedens van fysieke kindermishandeling door de vertrouwensarts en de behandelend arts in samenspraak beoordeeld wordt of inzet van een forensisch arts voor kinderen nodig is. Bij twijfel moet er altijd contact zoeken gezocht worden met artsen met een ander specialisme en rol, zoals de forensisch arts voor kinderen.

De doelgroep kan met betrekking tot het FME ingedeeld worden in 2 delen: kinderen en volwassenen. Het grootste deel van de betrokkenen zal verwezen worden naar Veilig Thuis (VT) en daar gezien worden door een vertrouwensarts. Van de kinderen wordt een klein aantal direct voor complexe medische zorg in combinatie met FME naar het LECK verwezen en een klein aantal naar de FARR voor ongecompliceerde letselbeschrijving. Zowel het LECK als de FARR behoren kinderen terug te verwijzen naar VT.

Stroomdiagram-inzet-FME-Rotterdam